CO-Melders

De voornaamste oorzaken zijn: onvoldoende onderhoud en controle op apparaten die koolmonoxide kunnen veroorzaken, geen ventilatie en beter geïsoleerde huizen. Niet alleen bij brand komt koolmonoxide vrij, maar ook bij verkeerd aangelegde of slecht functionerende geisers, CV-ketels en open haarden. Een onvolledige verbranding is eigenlijk nog gevaarlijke dan brand, omdat koolmonoxide in tegenstelling tot brand onzichtbaar, reukloos, smaakloos en niet voelbaar is. Daarom is het zo belangrijk om naast een rookmelder ook een koolmonoxidemelder in huis te hebben die in alarm komt zodra de concentratie koolmonoxide een aaneengesloten periode (tijd) te hoog is.

Link naar dit artikel

Waar moet ik mijn CO-melder plaatsen?

Het is een hardnekkig misverstand dat koolmonoxide zwaarder is dan lucht, sterker nog het is zelfs een fractie lichter dan lucht en verspreidt zich met luchtstromen door het huis. De koolmonoxidemelder moet echter wel hoorbaar zijn, plaats daarom in meerdere vertrekken CO-melders.

Monteer een CO-melder in de ruimte bij de Cv-ketel (bronruimte), 1 tot 3 meter van het toestel op dezelfde hoogte of aan het plafond. Op ademhalingshoogte bijvoorbeeld ter hoogte van het bed in de slaapkamer of de bank in de woonkamer.

Primair: Bronruimtes (belangrijkste plaats)

Aan het plafond:

• Op een horizontale afstand tussen 1 en 3 meter van de CO bron.

• Centraal in de ruimte.

• Op minimaal 30 centimeter van omliggende muren.

• Niet naast aanwezige luchtinlaten of luchtuitlaten of andere objecten aan het plafond.

Aan de muur:

• In die gevallen waar installatie aan het plafond niet mogelijk is, kunnen CO melders aan een muur worden bevestigd. Plaats deze melders tussen 15 en 80 centimeter van het plafond, maar wel hoger dan de bovenzijdevan aanwezige deuren en ramen.

• Op een horizontale afstand tussen 1 en 3 meter van de CO bron.

• Niet naast aanwezige luchtinlaten of luchtuitlaten.

• Niet achter objecten zoals gordijnen en kasten.

Bij een schuin plafond:

• Op een horizontale afstand tussen 1 en 3 meter van de CO bron.

• Plaats de melder aan de hoge zijde van het schuine plafond.

Secundair: Slaapkamers

Op (minimaal) ademhoogte:

• In slaapkamers is ademhoogte de hoogte waarop men slaapt.

• Niet naast aanwezige luchtinlaten of luchtuitlaten.

• Niet achter objecten zoals gordijnen en kasten.

Tertiair: Overige ruimtes

Op (minimaal) ademhoogte:

• Afhankelijk van activiteiten in de ruimte komt ademhoogte overeen met zit- of loophoogte.

• Niet naast aanwezige luchtinlaten of luchtuitlaten.

• Niet achter objecten zoals gordijnen en kasten.

Link naar dit artikel

Wanneer het koolmonoxideniveau in de ruimte te hoog wordt, klinkt er een alarmsignaal. Dit alarm van 85 dB is hoorbaar door het gehele huis. Om koolmonoxide in huis te voorkomen, adviseren wij de Cv-ketel minstens eenmaal per jaar te laten controleren. Check ook of de afvoerkanalen niet geblokkeerd zijn en zorg voor goede ventilatie.

Link naar dit artikel

De concentratie van koolmonoxide drukken we uit in PPM. Een kortstondige hoge concentratie van koolmonoxide komt vaker voor dan u denkt. Denk aan de geiser die u aanzet als u gebruik maakt van de douche of warm water tapt. De waarde van de koolmonoxide uitstoot is bij een goedwerkend, afvoer loos toestel vaak meer dan 200PPM. Meestal is het gebruik van dit type geiser maar kort en gaat een melder niet gelijk in alarm. Bij 50 PPM geeft een koolmonoxidemelder na 1 tot 1,5 uur alarm, loopt deze waarde snel op tot een levensgevaarlijke situatie van > 300 PPM verschuift deze response al naar 3 minuten! Om niet onnodig te alarmeren heeft een koolmonoxide melder een soort “timer”. Deze tijd gewogen waarde staat voorgeschreven in een Europese norm.

Hoe hoger de concentratie aan koolmonoxide, hoe sneller de koolmonoxidemelder zal reageren. Gaat de koolmonoxidemelder af, dient u gelijk actie te ondernemen.

De nieuwste generatie koolmonoxidemelders zijn voorzien van een Display. Daarop kunt u eenvoudig het hoogst gemeten koolmonoxide nivo in PPM aflezen.

Link naar dit artikel

Volg de volgende drie stappen; ventileer, controleer en alarmeer. De eerste stap is het openzetten van alle deuren en ramen om de gaslucht naar buiten te laten. Waarschuw hierna de andere huisbewoners en ga zo snel mogelijk naar buiten naar een veilige verzamelplek. Bel vervolgens 112.

Link naar dit artikel

Ventileren! Door voldoende ventilatie kunnen deconcentraties beperkt blijven tot subletale doses, dit is schadelijk maar niet dodelijk. Voorbeelden zijn condensvorming op ramen, Het is belangrijk om alle ruimtes waar open en gesloten verbrandingsapparatuur staat, goed te ventileren. Zorg voor goed werkende geisers. Slecht functionerende boilers, kachels, geisers en haarden zijn herkenbaar aan oranje en hoger brandende vlammen dan normaal. Jaarlijks onderhoud is hierbij heel belangrijk.

Link naar dit artikel

De belangrijkste technische wijzigingen ten opzichte van de vorige editie EN 50291-1:2010 en de nieuwe EN 50291-1:2018.

— End of Life-indicator is verplicht gesteld en moet een hoorbare en zichtbare waarschuwing bevatten;

— Er zijn richtlijnen toegevoegd voor het beoordelen van de batterijcapaciteit en de verwachte levensduur;

— Er zijn vereisten toegevoegd voor Koolmonoxidemelder op netvoeding met een back-up voeding;

— Het aantal potentiële interferentiegassen is verhoogd, minder cross-sensitivity;

— Er zijn tests toegevoegd voor een optionele alarm-pauze voorziening;

— De vereisten voor het hoorbare alarm en het bijbehorende rode visuele signaal zijn verduidelijkt;

— Batterij bijna leeg, fout en akoestische en visuele waarschuwingen aan het einde van de levensduur worden gegeven in een informatieve bijlage;

— Er is een informatieve bijlage toegevoegd voor apparaten met lage (waarschuwings-) CO-waarden- Low Levels;

— Er zijn eisen toegevoegd voor apparaten die gebruikmaken van radioverbindingen;

— De eis voor een geluidsuitgangsalarm is verhoogd in overeenstemming met de EN 14604 rookmelder voorwaarden. = nu ook 85dB.

De gevoeligheid van een sensor drukken we uit in nA -PPM (nano ampere – parts per million). De concentratie koolmonoxide drukken we uit in PPM. Het verschil tussen 50291- 2010 en 50291-2018 gecertificeerde koolmonoxidemelders is dat er een end of life signaal verplicht is en dat er signalen bij low levels zijn toegestaan. Dit was bij 50291: 2010 melders niet mogelijk. Een hoorbaar alarm ‘’mocht’’ pas na 50PPM. Echter: in de ‘’oude’’ co melders van FireAngel was al rekening gehouden met de nieuwe norm. Deze gaven ook bij 8 uur /30PPM een alarm af. Met de aanpassing van EN50291 is het nu mogelijk om zowel zichtbare als hoorbare signalen af te geven bij lage concentraties. De beste keus blijft een Digitale koolmonoxidemelder – de hoogte van de PPM is belangrijk bij een verder advies. Tevens zijn low levels ‘’zichtbaar’’, waarbij problemen met defecte cv’s, geisers en lekkende gasafvoer in een vroeg stadium ontdekt worden.

Link naar dit artikel

Betrouwbaar bij het meten van low level koolmonoxide. Om relatief nauwkeurige metingen te verkrijgen bij lage concentraties is er ook meer kans dat een co-melder en dus de werking, wordt beïnvloed door statische elektriciteit, inductie /EMC interferentie. De meest gebruikte sensoren zijn op waterbasis. Deze zijn echter 14 keer minder gevoeliger dan de nieuwe GEN-1 sensoren. Een Gen-1 sensor is op basis van gelijkstroom met zwavelzuur als elektrolyt: zo ontstaat ook een betere weerstand in combinatie met de vochtigheid. (Voor gebruik in boten, campers etc).

Link naar dit artikel
Winkelwagen
Bekijk winkelwagen